woensdag 4 april 2018

Het landschap dat ik werd


Het landschap dat ik werd


Rivieren ronden singels af, tekenen
omgeving en omtrek van het ommuurde
Breda in cirkels. Loze afwering tegen vijanden
die later al binnen bleken.

Paarden laten zich dresseren en draven
over straten en stegen. Weekmarkten
en stadsparken hullen zich in hun dampen,
geuren en hoevegekletter.

Beslagen wielen van het geschut ratelen
en wiebelen over kasseien, trams en rijtuigen
doorkruisen de vesting in vier windrichtingen,
vullen verlangens en wekken hoop.

Het werd nooit een eiland. Kazernes
en fabrieken kwamen en gingen, de buitenwereld
won, overweldigde bevolking en toekomst,
was welkom binnen kasteelmuren en stadswallen.

Mijn vingers traceren rivieren
over een landkaart met purperen heide
en meanderende Mark, Aa of Weerijs,
en die streling verzacht wonden
tot het landschap dat ik werd.