maandag 27 maart 2017

Onderweg

Onderweg


Om wat me vreemd is
in de mensen
om me heen,
in de wegrestaurants
onderweg
en op de stations
waar ik rust,

om wat ik herken
in mezelf
en vrees

reis ik.

maandag 20 maart 2017

Water sijpelt...

Water sijpelt
door het beton.

Over enkele eeuwen
is niets over
van deze dam.

zondag 19 maart 2017

Anna danst

Anna danst


Anna danst,
vallende engel,
smeulende vleugels,
en ik,
met mijn angel,
mijn stengel,
ontmand veulen,
sta te trappelen tegen de wand
als een schaduw op de vloer,
op de loer, kansloos,
dansloos.

Anna danst,
haar ogen meten mij
in de branding,
omranding van haar
schuchtere schouders,
en haar nuchtere ouders
kijken toe
hoe
hun Anna danst.

Anna danst,
en ik, hink stap dichter,
zoek mijn kans,
volg uit cadans,
in onbalans,
op de rand,
tegen de wand,
mijn denken op zijn engst,
ademloze hengst,
met te veel benen en geen sjans.

Anna danst,
ontankerd, ontketend,
zij omvat en omcirkelt
en zonder gelaat
word ik gedanst,
in trance in die krans,
geketend, leeg, hol,
en pas in mijn val
besef ik waarom
zij mij zo hoog
van de vloer hief.

Anna danst,
koninginnen
komen binnen
en worden genegeerd
zolang zij regeert,
volledig volleerd
haar hakken klikken klakken,
tranen en zweet
en klevende kleding,
maar
dans Anna,
hos Anna,
hosanna halleluja,
ik ben je schaduw
tot je licht dooft.

dinsdag 14 maart 2017

Overal tempels

Overal tempels


Jouw god
is zwaartekracht,
die van je buurman
de stad.

De tempels
vullen de wegen
en verhinderen
alle verkeer.

zondag 26 februari 2017

Nou ik nog

Nou ik nog


Deze nacht
is helemaal voor mezelf.
Ze is ver weg nu
en ik moet
nog zoveel uitzoeken,
plaatsen.

Meetbaar elke dag
komt ze dichterbij.

Het gaat langzaam
maar het gedicht
dat ik haar gaf
hangt al boven haar bed.
Nou ik nog.

maandag 13 februari 2017

Wolfmoeder der Eenzamen

Wolfmoeder der Eenzamen


dat bedauwd spinrag in de ochtend
is tastbaar restant van uw dromen;
dat zijn mijn ogen in uw rug;
mijn pootafdrukken in mos en bladeren;
mijn reuk in struiken en op paden;
die natte vacht en kraag mijn bestaansbewijs;
die brekende tak kwam door mijn voetstap.


uw ontkenning is zinloos en vergeefs;
woorden liegen, een slordige stapel illusies,
mijn namen glijden als regen langs mijn manen,
en duiken op in wat u sporen noemt;
mijn roedels volgden uw stammen van Afrika
tot hier op de steppen van Europa,
en wachten op uw volgende bestemming-
waarheen nu, reisgenoten?

weesgegroet Wolfmoeder der Eenzamen;
overdag grom en snauw en bijt ik,
spuw ik speeksel in een tandensteekspel,
in de avond hoor ik uw gehuil woeie-ie-ie-oewoe-oe-u-u,
zoek en evenaar ik de boventonen en zing woe-oo-oo-wo-owo-oh-o,
de klanken resoneren, harmoniëren en vormen een koor,
en de mens brandt hout en zingt mij nader
en tegelijk op afstand-

met altijd de maan
als richtpunt.

(Uit: Van wolven en stolpen, Boekscout.nl Soest,
22 augustus 2014, © Hans F. Marijnissen)

donderdag 2 februari 2017

Codeïne helpt

Codeïne helpt


Misschien komt de
onlesbare dorst
en onstilbare honger
omdat ik vaak
te veel hoop
en verwacht,

en lijkt daarom
elke bladzijde
leeg.

Vertrouwde codeïne,
vriend die niet liegt
steelt of bedriegt,
kijk me aan.
Misschien zie en weet ik
niet meer
dan ik kan en wil

tot de volgende
verdoving,
en is dat voldoende
beloning.
Codeïne helpt,
maar meer niet.

(Uit: Po-e-zine #14, 2017)