zaterdag 28 juli 2018

En muziek zingt

En muziek zingt


Ik kom nu over mezelf te vertellen.
Ik zeg u: muziek zingt,
dagen dansen,
en overal staan steden, zwijgend en verbaasd,
nauwsluitend.

Ik open alles tot duisternis
en luister.
Strenge vorst overheerst
en avonden buigen zich.
Ik begin dagelijks.

Ik was diep in de diepte,
het was er veel te druk.
En nu ik terug ben
nog.

Afdalende muziek nadert
ver in de verte.
Iedereen staat op,
de stad bloedt leeg
uit gesloten wonden.

Ik verzamel warmte,
omsluit mijn lief
en muziek zingt.

vrijdag 20 juli 2018

Waar Pierre blijft

Waar Pierre blijft


Woorden je vleugels,
dichten is vliegen
als het goed is, als het lukt.
Met veren in was verlijmd
zonwaarts tegen het wassen
en breken van muren.
'Het vliegen is niet wat afschrikt,
het is het landen,
en de anderen',
zegt het kind.

Er zijn geen anderen
alleen spiegels,
je ziet overal jezelf,
toch, niet dan?
Mist, dwalende wolken.
Je conserveert, onderricht,
geselt de wereld, ontrafelt,
onthult leugens en onzin.
Je verbindt.

'Ik?
Ik heb makkelijk praten,
ik ben niet dood.'
Ontspan, relax,
volg vogels met je ogen.
'Ja, dat doe ik.
Ik wou dat ik een vogel was
en dat blijft.'
Als de wind.

opwaarts / niets eindigt
wolken /  alles verandert
vogels / en dat blijft

Pierre Maréchal 1946-2018.
Dichter, auteur, ornitholoog, natuurbeschermer, vriend.

woensdag 18 juli 2018

Bronvermelding

Bronvermelding


Een omwandeling,
terug naar waar ik was
en aansluiting zocht,
ademloos en alleen.

Het nauwe pad naar de rivier
leidt me, takken strelen, geselen
mijn lichaam. Kinderen bedelen
en omsingelen me.

Toen ik nog niet wist
dat ik jong was en haatte
joeg mijn lichaam mij voort.
Kennis achteraf belast.

Soms voel ik me bekeken
door volmaakte anderen,
alsof zij weten dat ik
eerder dan hen zal sterven.

Soms kan ik mijn lichaam
missen maar niet het leven.
Net genoeg om de wereld te zien
als tijdelijk verblijf,
een rivier, en hoe eeuwig zonlicht
bladeren doorschijnt en opwekt.

Het pad leidt van de oever
terug naar de bron.

dinsdag 17 juli 2018

Boodschappen in de universiteit

Boodschappen in de universiteit


Ik weet niet
wat jij ziet in spiegels.
Ik vooral herinneringen.

Ik kan me de heenreis
niet meer voor de geest halen,
het onweer op de snelweg,
de regen in de voorstad,
het wachten op een perron,
hallen vol kinderogen,
alles raakte ongedateerd.

Aan de boom van kennis
hier in de aula,
tussen pilaren van gewapend beton
overheersen agenda's en roosters,
colleges en practicums,
koffiebekers, suikerzakjes,
poedermelk en wachtrijen.

Op zoek naar toiletten
in Babylonische taalmengeling
tussen matglazen muren,
een welverdiende lastenverlichting,
in laag zonlicht weerkaatst,
tussen overdreven wolken,
haar kortstondige glimlach.

Bij thuiskomst
droeg ik een mand appels
naar de keuken.
De spiegel in de hal
bleef stabiel.

vrijdag 13 juli 2018

Niets is nieuw

Niets is nieuw


Je sluit je handen
om mijn oorschelpen
en ik hoor de branding,
fluisterend publiek
dat afwacht.

Ik lees in jouw ogen
mijn ogen jouw ogen
spelregels,
en wil begrijpen
wat je verzwijgt.
Je zoenoffer verbergt niets
en ik hoop dat je
doet wat je wilt.

Niets is nieuw
maar alles onbekend
als je niet weet
vanwaar je kwam
en waar je bent.
Je helpt me zonder te helpen,
door te zijn
waardoor ik ben.

Ik haal dieper adem
dan ooit.
Je handen keren terug
naar je armen,
het publiek zwijgt,
weet wat er komt.
Niets is nieuw.

woensdag 11 juli 2018

Lastig

Lastig


Je kunt je niet voorstellen
wat ik doe in je nacht.
Ik wil je niet
aan het denken brengen.
Ik wil dat je huilt,
lacht, schreeuwt, zwijgt
en de echo’s telt
in je huizen
tot je overtuigd bent
van je bestaan.

Ik breng souvenirs mee
uit droomlanden
vol angsten en verlangens,
en ik zal je vertellen
in je eigen woorden
waarom je ze vergat.
Ik ben niet bang
dat ik je beledigen zal.

Ik stel me verdekt op
bij je voordeur,
vol ongeschreven gedichten,
val je lastig,
en er komt nog veel meer.

zondag 8 juli 2018

De lezingen


De lezingen


"Zorgvluchtig",
verspreekt zich de dichter
aan de microfoon.
Het toeval valt
mij toe
in mijn gevangenis.

De horizon
is niet altijd even hoog,
soms een muur,
en ik aan de
verkeerde kant.

De ober
verstikt de vorige kaars
met de volgende
en vult aan.

Een onverdiende
en vertrouwde ontvangenis.
Een nieuwe dichter
treedt aan
en ontdekt het publiek.